Toetsingscriteria locatieonderzoek woonvoorzieningen dak- en thuislozen Breda
Het college heeft de toetsingscriteria vastgesteld op basis waarvan mogelijke locaties geselecteerd kunnen worden voor de opvang van drugs- en alcoholverslaafde dak- en thuislozen. Deze criteria worden op 1 maart voor aan de Commissie Maatschappij voorgelegd. De mogelijke locaties zouden aanvankelijk half februari aan de raad worden voorgelegd. Het college heeft besloten tot deze extra stap om het proces ten aanzien van toetsingscriteria en de daaropvolgende locatiekeuze zorgvuldig te doorlopen.
Taskforce herdefiniërt criterialijst
Iedereen een dak boven het hoofd. Dat is een maatschappelijke opgave waar Breda voor staat. Om de opvang van dak- en thuislozen te realiseren heeft het college in november vorig jaar twee locaties aangewezen. Dit besluit is eruggenomen, omdat er onduidelijkheid was ontstaan over het toepassen van de criteria waarop de locatiekeuzes waren gebaseerd, vooral rondom veiligheid. Reden voor het college om een Taskforce in het leven te roepen met daarin vertegenwoordigers van gemeente, politie, Openbaar Ministerie, SMO Breda en de woningcorporaties WonenBreburg, Singelveste AlleeWonen en Laurentius. Deze Taskforce heeft de eerdere criterialijst en de weging daarvan opnieuw bekeken en aangepast.
Op basis van de veiligheids- en wijkmonitor zijn ook de criteria veiligheid, leefbaarheid en draagkracht van de buurt aan de lijst toegevoegd. Een belangrijke randvoorwaarde is dat alle mogelijke locaties volgens het bestemmingsplan passend zijn en financieel haalbaar en niet tot mogelijke procedures leiden. De afspraak met het Rijk is namelijk dat Breda vóór eind 2012 twee voorzieningen heeft gerealiseerd. Op 1 maart bespreekt de commissie Maatschappij de nieuwe criterialijst.
Selectieprocedure mogelijke opvanglocaties op basis van nieuwe criterialijst
De Taskforce selecteert op basis van ‘harde’ en ‘zachte’ criteria mogelijke opvanglocaties. Aan de harde criteria valt niet te tornen, die gelden zonder meer. De zachte criteria hoeven niet per definitie tot uitsluiting van een locatie te leiden.
Die selectieprocedure vindt in drie fasen plaats. Bij een eerste selectie vallen de locaties af die volgens het bestemmingsplan niet passend zijn, niet groot genoeg zijn of niet volledig door de doelgroep gebruikt kunnen worden. Ook de locaties die niet op tijd beschikbaar zijn of die liggen in een buurt die te laag scoort op veiligheid, leefbaarheid en draagkracht ten opzichte van andere buurten vallen in deze eerste fase af. Bij een tweede selectie vallen ook de locaties af die de politie niet geschikt vindt vanuit het oogpunt ‘openbare orde en handhaving’. Alle hiervoor genoemde criteria zijn ‘hard’. In de tweede fase wordt ook gekeken naar de ligging van de locaties ten opzichte van scholen, soortgelijke voorzieningen en of de locaties voldoende mogelijkheden geven tot integratie van de doelgroep met de buurt. Deze criteria zijn zacht. Bij een derde selectie vallen de locaties af die financieel onhaalbaar zijn en die niet of onvoldoende geschikt te maken zijn voor de doelgroep. In deze laatste fase wordt ook bekeken of de betrokken instelling en woningcorporatie bereid zijn de locatie te exploiteren. Ook deze laatste criteria zijn hard. De locaties die na deze drie selectieronden overblijven, zijn de mogelijke locaties voor de opvang van dak- en thuislozen.
Van mogelijke naar definitieve locaties
Het college bespreekt deze mogelijke locaties eind maart eerst met de betrokken bewoners. Zij kunnen hun inbreng leveren vanuit de wijk om het college in de gelegenheid te stellen een zorgvuldige belangenafweging te maken bij de uiteindelijke locatiekeuze. Via een Breda bericht worden de betreffende bewoners uitgenodigd voor een bewonersbijeenkomst. De mogelijke locaties worden daarna ook nog besproken in de commissie Maatschappij. Daarna wijst het college twee definitieve locaties voor de opvang van dak- en thuislozen aan. Doel is om de woonvoorzieningen eind 2012 te openen.
Breda, 15 februari 2012
Zie ook: